indo-europees
onzijdig (het)ˈɪndoʔøroˌpes
Wat is de betekenis van indo-europees?
indo-europees betekent: betrekking hebbend op Indo-Europeanen
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- betrekking hebbend op Indo-Europeanen
- betrekking hebbend op de nazaten uit gemengd Indonesische en Europese (veelal Nederlandse) relaties in voormalig Nederlands-Indië, gewoonlijk betiteld als “Indo's” of (in formeel taalgebruik) “Indo-Europeanen”
eigennaam
- groep van onderling verwante talen die zich historisch in Europa en het westen en zuiden van Azië hebben ontwikkeld
- gereconstrueerde taal die de verre voorganger is van veel talen die zich historisch in Europa en het westen en zuiden van Azië hebben ontwikkeld
zelfstandig naamwoord
- verouderde spelling of vorm van Indo-Europees tot 2006
Voorbeelden van "indo-europees" in een zin
- Europa werd vroeger bewoond door verschillende Indo-Europese volkeren.
- En ook 2.500 jaar oud is een graf van een ander Indo-Europees steppenvolk, de Tocharen, uit Noordwest-China.
- Het Indo-Europees is de familie waartoe bijna alle Europese talen – inclusief het Nederlands – en flink wat West-Aziatische talen behoren.
- In zeven hoofdstukken beschrijft zij hoe het Nederlands uit het Indo-Europees is ontstaan.
- ⧖ Volgens Simpson baant deze oude traditie — deels islamitisch, deels Indo-europees— zich langzaam weer een weg naar de oppervlakte.
Etymologie
leenvertaling van Engels Indo-European of Frans Indoeuropéen, op te vatten als samenstelling van Indo zn "Indisch Subcontinent" en Europees bn "met betrekking tot Europa" , geschreven met een koppelteken volgens spellingregel 6.E en met hoofdletters volgens spellingregel 16.I
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek