ingaan

/ˈɪŋɣan/

Betekenis

werkwoord
  1. inerg (inerg) ~ op: ergens op reageren
    De voorzitter wilde niet op vragen ingaan.
    Voor de eerste keer na het ongeluk wilde ze ergens dieper op ingaan.
  2. erga (erga) van start gaan
    Gisteren is de zomertijd ingegaan.
  3. erga (erga) binnengaan
    Hij ging direct het huis in.

Vertalingen

Engelsbegin, start, go in/inside
Duitseingehen, beginnen, hineingehen