interdict

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) gerechtelijk verbod
  2. religie (religie) kerkelijke straf die bepaalde rechten ontneemt zonder de gelovigen van de kerkgemeenschap uit te sluiten

Etymologie

*afgeleid van het Latijnse dīcere ‘spreken, zeggen’

Vertalingen

Spaansinterdicto, prohibición