Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
kachtel
/ˈkɑxtəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (dierkunde), (West- en Frans-Vlaanderen, Zeeland) een jong van een paard
Etymologie
*Ontleend aan het Middeleeuws-Latijnse capitale ("bezit, [stuk] vee"). Van een Noordfranse vorm catel heeft het Engels ook cattle ("vee").Meer informatie kan je vinden in de besprekingen door [http://www.dbnl.org/tekst/_tij003190101_01/_tij003190101_01_0010.htm Kern] en [http://www.dbnl.org/tekst/_tij003190101_01/_tij003190101_01_0016.htm Te Winkel].
Vertalingen
Engelsfoal
Franspoulain
DuitsFohlen, Füllen, Gleiter
Spaansresbalón, potranco, potro
Italiaanspattino, puledro, vannino
Portugeespatim, potro
Russischскид, жеребёнок
Chinees駒子
Japans子馬
Koreaans망아지
Turkstay
Poolsźrebak, źrebię
Zweedsföl
Deensføl
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek