kameel
mannelijk (de)/kaˈmel/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (evenhoevigen) bepaald soort hoefdier met twee bulten op de rug,De kameel verschilt van de dromedaris door het aantal bulten op de rug.
Etymologie
*via Middelnederlands "cameel" van Latijn "camelus", in de betekenis van ‘hoefdier’ aangetroffen vanaf 1240
Vertalingen
Engelscamel
Franschameau
DuitsKamel
Spaanscamello
Italiaanscammello
Portugeescamelo
Russischверблюд
Chinees駱駝, 骆驼
Japans駱駝
Koreaans낙타
Arabischجمل, تۆگە
Turksdeve
Poolswielbłąd
Zweedskamel
Deenskamel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek