Kamp
/kɑmp/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (n) een plaats waar een aantal troepen geruime tijd of permanent gehuisvest zijn.De militairen gingen na hun ronde terug naar het kamp.
- (n) een kampeerplaats met een groep van bij elkaar horende tenten.We mochten niet van het kamp af.We vonden tussen de bomen een vlak plekje om ons kamp op te zetten.
- (m) een persoon of groep die een overeenkomst, gevecht of strijd aangaat met een andere persoon of groepTot welk kamp behoor jij?
- (m) wedstrijd
- (m) afgegrensd veld
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘strijd’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240
Vertalingen
Engelscamp, camp
DuitsCamp, Feldlager, Lager
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek