Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

kandts astrild

/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een vogel uit de familie van de prachtvinken (). Deze prachtvink wordt vaak nog beschouwd als een ondersoort van de zwartkapastrild (E. atricapilla) en heeft daarom geen vermelding op de rode lijst van de IUCN. Deze soort telt twee ondersoorten

Etymologie

*(coll)