kanoër
mannelijk (de)/xxxx/
Wat is de betekenis van kanoër?
kanoër betekent: iemand die vaart in een kano
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die vaart in een kano
Voorbeelden van "kanoër" in een zin
- Een speedboot die zaterdag op het Eemskanaal bij Groningen twee kanoërs heeft aangevaren, is er na de aanvaring vandoor gegaan. De bestuurder van de boot kon na een klopjacht worden gepakt. Dat meldt de politie.de Telegraaf 26 aug. 2017
- „Ik ben opgegroeid langs het water, omdat mijn acht jaar oudere broer Job (nu assistent-bondscoach red.) een goede kanoër was en ik veel ging kijken.de Telegraaf 02 jul. 2017
Etymologie
* van kanoën
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek