kap
mannelijk/vrouwelijk (de)/kɑp/
Wat is de betekenis van kap?
kap betekent: bedekking ergens boven of overheen bijv. een lampenkap
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bedekking ergens boven of overheen bijv. een lampenkap
- een bedekking van het hoofd
- de afdekking van een gebouw
- het vellen of omhakken van bomen
- warmte-isolatie voor het hoofd voor tijdens het duiken, onderdeel duikuitrusting
Voorbeelden van "kap" in een zin
- Gelijke monniken gelijke kappen.
- De kap van de woning was aan reparatie toe.
- De houtkap in de tropen neemt zorgwekkende proporties aan.
Etymologie
* In de betekenis van ‘bovendeel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1468
Uitdrukkingen
- Gelijke monniken, gelijke kappen
- Kap en ( of noch) keuvel — Stoett-1077 [http://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01 www.dbnl.org]
- De kap op de tuin hangen — Stoett-1078 [http://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01 www.dbnl.org]
Vertalingen
Engelsbonnet, cap, hood
Spaanscapuz, capucha, cofia
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek