Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
kaviaarsocialist
mannelijk (de)/ˌkaviˈjarsoʃaˌlɪst/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (persoon) (pejoratief) (politiek) iemand die linkse opvattingen uitdraagt, maar door inkomen en opleiding ver van de arbeidersklasse verwijderd geraakt isPlasterk mag in het pamflet ook de meeste scheldwoorden op zijn borsalinohoed steken, gaande van ‘een sidderspook met de snoeischaar’, ‘kaviaarsocialist, vrijetijdsschilder en amateurzanger’, ‘Jantje Pedantje’, ‘bewindclown’, ‘jokkebrok’ tot ‘laffe spaniël’.H. had tegenover zijn medewerkers de PvdA-wethouder een kaviaar-socialist genoemd.
Etymologie
*, leenvertaling van "socialiste caviar", in de betekenis van "door levensstijl niet meer echte socialist" aangetroffen vanaf 1989 (zie vindplaats hieronder)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek