Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

kedoesja

mannelijk/vrouwelijk (de)/kษ™du'สƒa/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. heiligheid, heiliging
  2. gebed waarin Gods naam wordt geheiligd, ingevoegd in de Amida vรณรณr de derde bracha

Etymologie

* Herkomst: Hebreeuws