kerkelijk
/ˈkɛr.kə.lək/
Wat is de betekenis van kerkelijk?
kerkelijk betekent: verband hebbend met de kerk
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- verband hebbend met de kerk
Voorbeelden van "kerkelijk" in een zin
- Ben je kerkelijk?
- De feministen hadden ook moeite met een andere wet uit 1924. Kerkelijke partijen hadden toen bepaald dat vrouwen op de dag van hun huwelijk werden ontslagen uit overheidsfuncties.
Etymologie
Afleiding van kerk met het achtervoegsel -lijk met het invoegsel -e-
Vertalingen
Duitskirchlich
Engelsecclesiastic
Fransecclésiastique
Zweedskyrklig
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek