Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

kerstcyclus

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kerst, religie (kerst) (religie) de eerste periode van het kerkelijk jaar vanaf de eerste zondag van de advent tot de vierde zondag na epifanie

Etymologie

* Samenstelling van kerst en cyclus