kerststronk

mannelijk (de)/ˈkɛr(st)strɔŋk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding, kerst (België) (voeding) (kerst) een gebak in de vorm van een stronk dat met kerst gegeten wordt
    Op kerstavond hebben we een heerlijke kerststronk met crème au beurre gegeten.

Vertalingen

EngelsYule log
Fransbûche de Noël, buche de Noël
Spaanstronco de Navidad