klakken

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. een plotseling luid geluid maken door twee zaken tegen elkaar te slaan, met name het slaan van de tong tegen het verhemelte of mondbodem
    Van complimenten, fluiten, sissen, klakken en staren tot naroepen, beledigen, om seks vragen, achterna lopen en zelfs in het nauw drijven: vrijwel alle Rotterdamse vrouwen tussen de 18 en 45 jaar die meewerkten aan een onderzoek van de Erasmus Universiteit hebben op straat ervaring met seksueel getinte toenadering. Ongeveer de helft ervaart dat gedrag als intimiderend. Volkskrant Bart Dirks 21 februari 2017

Vertalingen

Engelsclack
Spaanscastañetear, chasquear, restallar