Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

kleine platschelp

mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. tweekleppigen (tweekleppigen) een tweekleppige uit de familie . De schelp is dunschalig en langwerpig. De top ligt niet in het midden. De buitenkant heeft een zeer fijne, horizontale ribbelstructuur. Lengte tot 10 mm, hoogte tot 6 mm. Lichtgeel of oranje met vanuit de top stralende, verticale kleurbanden. Strandmateriaal is vaak verkleurd

Etymologie

* (coll)