Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
kleine ruit
mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) een overblijvend kruid uit de ranonkelfamilie (). De plant, die een hoogte van 30 tot 100 cm kan bereiken, heeft gladde, ondiep geribde, rechtopstaande stengels met . De geelachtige bloemen zijn tweeslachtig, ze hangen voorover in wijdvertakte losse pluimen. Kleine ruit bloeit van maart tot eind augustus; de meeldraden zijn opvallend lang
Etymologie
* (coll)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek