kleinkinderen

ˈklɛiŋkɪndərə(n)

Wat is de betekenis van kleinkinderen?

kleinkinderen betekent: meervoud van het zelfstandig naamwoord kleinkind

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. woorden met boekreferenties meervoud van het zelfstandig naamwoord kleinkind

Voorbeelden van "kleinkinderen" in een zin

  • De moeder van 11 kinderen had pas op latere leeftijd het wandelen ontdekt. Toen ze eenmaal ging lopen was ze al grootmoeder van 23 kleinkinderen.

Betekenis en uitleg van kleinkinderen

Kleinkinderen zijn de kinderen van je kinderen, oftewel, de volgende generatie in je familie. Ze brengen vaak vreugde en leven in de brouwerij, en veel grootouders genieten van de speciale band die ze met hen opbouwen.

Het woord 'kleinkinderen' wordt vaak gebruikt in gesprekken over familie en ouderdom. Grootouders delen vaak verhalen of ervaringen over hun kleinkinderen, en het kan ook een bron van trots zijn wanneer ze over hun prestaties praten. In veel culturen spelen kleinkinderen een belangrijke rol in het gezinsleven, en ze worden vaak als een zegen beschouwd voor hun grootouders.

Voorbeelden

  • Mijn kleinkinderen komen dit weekend logeren en ik heb al veel leuke activiteiten voor ons gepland.
  • Tijdens de familiebijeenkomst vertelde oma honderduit over de avonturen van haar kleinkinderen.
  • Kleinkinderen zijn vaak een bron van inspiratie voor creatief werk, zoals schilderijen of verhalen.

Woordoorsprong

Het woord is samengesteld uit 'klein', wat verwijst naar de jongere generatie, en 'kinderen', wat de nakomelingen aanduidt. Het duidt dus letterlijk op 'de kleine kinderen' van een persoon.

Veelgestelde vragen over kleinkinderen

Wat is de betekenis van kleinkinderen?

kleinkinderen betekent: meervoud van het zelfstandig naamwoord kleinkind

Hoe gebruik je kleinkinderen in een zin?

Voorbeeld: “De moeder van 11 kinderen had pas op latere leeftijd het wandelen ontdekt. Toen ze eenmaal ging lopen was ze al grootmoeder van 23 kleinkinderen.