kleren
meervoud/ˈklerə(n)/
Wat is de betekenis van kleren?
kleren betekent: kleding of kledingstukken
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- kleding of kledingstukken
Voorbeelden van "kleren" in een zin
- Jullie moeten vandaag nieuwe kleren kopen.
- 'Mam, waar heb je mijn kleren gelaten?' Nikki richt zich weer tot haar moeder.
- Zonder een hap te eten en met mijn kleren nog aan viel ik meteen in slaap.
Etymologie
*samentrekking van klederen, meervoud van kleed, in de betekenis van ‘kleding’ voor het eerst aangetroffen in 1521
Vertalingen
Engelsclothes, clothing
Spaansindumentaria, ropa, ropaje
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek