kluns

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheldwoord (scheldwoord) een onhandig persoon
  2. een gecastreerde ezelshengst

Etymologie

* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘sufferd’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1949

Vertalingen

Engelsbungler, klutz
Fransbalourd
DuitsStümper
Spaanstorpe
Zweedsklant