hobbezak
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een heel ruim zittend kledingstukWereldwijd zijn er ongeveer 1,5 miljoen mennonieten. In het buitenland zijn veel mennonieten uitermate conservatief, zoals de Pennsylvanian Dutch of de Amish in Amerika, Canada en een klein groepje in de Elzas, die zeer traditioneel leven, gekleed gaan in de meest eenvoudige donkere hobbezakken, zich alleen per paard-en-wagen vervoeren en soms een mobiele telefoon hebben, maar die niet binnenshuis gebruiken. Bij hen is de tijd bevroren. {{Aut|Scholten, Jaap
- iemand die lomp en onhandig isIk strompelde zelf niet voort als een hobbezak op corvee, maar ik ontbeerde dat blijmoedige, schijnbare gebrek aan besef van eigen lichaamsgewicht, zwaartekracht, gewrichten en ondergrond dat Martin had. {{Aut|Verdonschot, Leon
Etymologie
* In de betekenis van ‘lomp persoon’ voor het eerst aangetroffen in 1735
Vertalingen
Engelsoversized clothing
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek