knaag

/knaːx/

Wat is de betekenis van knaag?

knaag betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van knagen

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van knagen
  2. gebiedende wijs van knagen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van knagen

Voorbeelden van "knaag" in een zin

  • Ik knaag.
  • Knaag!
  • Knaag je?