knecht
mannelijk (de)/knɛxt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (beroep) iemand die in dienst is van iemand anders
- wielrenner van een wielerploeg die de kopman helpt om te winnen
Etymologie
*Van Oudnederlands kneght. Te herleiden tot Protogermaans *knehta-, verdere herkomst onbekend. Verwant met Knecht en knight. In de betekenis van ‘bediende’ voor het eerst aangetroffen in 1240
Vertalingen
Engelsboy, servant
Franséquipier
Spaanscriado, mozo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek