knijptang

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. tang waarmee je spijkers kunt uittrekken
    De dief haalde uit een kist een gedeukte hoed, schildersgerief, een kiel, een knijptang, een paar versleten schoenen en een mandoline. Op de bodem van de kist lag een pak, in rode zijde gewikkeld: de Mona Lisade Standaard 21/08/2009 om 00:00 door bvb [http://www.standaard.be/cnt/dmf20090819_063 21 augustus 1911. Mona Lisa gestolen ]
    In de wagen vonden de agenten onder meer zaklampen, knijptangen en werkhandschoenen. De vier twintigers en een dertiger konden geen plausibele uitleg geven over hun aanwezigheid op het bedrijventerrein in Genk. Het inbrekersmateriaal werd in beslag genomen.de Standaard 04/05/2011 om 18:43 door bpr [http://www.standaard.be/cnt/dmf20110504_190 Vijf Nederlanders met inbrekersmateriaal in Genk achter tralies ]

Vertalingen

Engelspincers