Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

knoeper

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iets dat enorm groot is
    Bij het diadeem hoort eigenlijk nog een knoeper van een diamant - een steen die Willem III in de zeventiende eeuw aanschafte voor zijn vrouw, Mary II van Engeland.

Etymologie

* klanknabootsing van knoert, knoest