knooppunt
onzijdig (het)/ˈknopʏnt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (verkeer) een kruispunt van twee of meer grote wegenIn de avondspits stond dat knooppunt weer volledig vast.
- (wiskunde) het punt waar twee rechte stukken van een open of gesloten veelhoek bij elkaar komen
- (spoorwegen) een plaats waar spoorwegen uit verschillende richtingen bijeenkomen, vaak voorzien van een station en/of een rangeerterreinVaak zijn er aparte knooppunten voor personenvervoer en voor goederenvervoer.
- (elektrotechniek) punt in een netwerk waar stromen samenkomen of zich verdelen
Vertalingen
Engelsintersection, knot, node
DuitsVerkehrsknotenpunkt, Autobahnkreuz, Autobahndreieck
Spaansnodo, nudo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek