koffie

mannelijk (de)/ˈkɔfi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. drinken (drinken) een meestal warm genuttigde drank die bereid wordt door heet water over gemalen en gebrande koffiebonen te gieten
    "Vijf koppen koffie per dag is goed voor het hart" [http://www.nu.nl/gezondheid/4003240/vijf-koppen-koffie-per-dag-goed-hart.html www.nu.nl]
    Koffie helpt de groei van tumoren onderdrukken [http://www.nu.nl/gezondheid/4035509/koffie-helpt-terugkeer-borstkanker-voorkomen.html www.nu.nl]
    De ideale temperatuur om koffie te zetten is 93 graden.[https://www.bobplaza.com/blog/id-1245/vijf-veelgemaakte-fouten-bij-het-zetten-van-koffie/ Vijf veelgemaakte fouten bij het zetten van koffie], bobplaza.com
  2. gemalen gebrande koffiebonen waarmee de onder [1] genoemde drank wordt bereid
    Grof gemalen koffie
  3. plantkunde (plantkunde) benaming voor heesters uit het geslacht waaraan koffiebonen groeien, koffieplant
    Deze koffie groeit in de uitlopers van de Andes.[http://www.elleeten.nl/Drinks/Dit-zijn-de-landen-waar-de-meeste-koffie-vandaan-komt DIT ZIJN DE LANDEN WAAR DE MEESTE KOFFIE VANDAAN KOMT], elleeten.nl, 6 juli 2016

Etymologie

* Via het Italiaanse caffè en het Turkse kahve van het Arabische قهوة. In de betekenis van ‘drank bereid uit koffiebonen’ voor het eerst aangetroffen in 1640

Uitdrukkingen

  • Dat is geen zuivere koffieDat deugt niet
  • Op de koffie komen1) Ergens slecht vanaf komen 2) Ergens op visite gaan
  • Dat is an­de­re kof­fieDat is nog eens iets anders (veelal positief bedoeld)
  • : kopi

Vertalingen

Engelscoffee
Franscafé
DuitsKaffee, Kaffee, Kaffeemehl
Spaanscafé
Italiaanscaffè
Portugeescafé
Russischкофе
Koreaans커피
Turkskahve
Poolskawa
Zweedskaffe