koffiezetapparaat

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. huishouden (huishouden) elektrisch apparaat om koffie mee te zetten en warm te houden
    Even zaten we stil tegenover elkaar, meneer Hubert en ik. Na een minuut knikte hij naar het koffiezetapparaat. 'Neem een koffie. Op mijn kosten. Breng er voor mij ook eentje mee.' {{Aut|Sandes, David

Etymologie

* In de betekenis van ‘toestel voor het bereiden van koffie’ voor het eerst aangetroffen in 1963

Vertalingen

Spaanscafetera