kokkin

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep)
    Maar de kokkinnen bij de bouw van de Spoorlijn Bergen waren anders dan Britta, zijn verhuurster en, naar hij aannam, de eigenaresse van het houten huisje aan de rivieroever.

Etymologie

*Afgeleid van kok