Koning
Wat is de betekenis van Koning?
Koning betekent: (regering)(adel) het mannelijk hoofd van een koninkrijk
Betekenis
- (regering)(adel) het mannelijk hoofd van een koninkrijk
- (kaartspel) een speelkaart waarvan de waarde meestal tussen die van de vrouw en de aas ligt
- (schaak) het belangrijkste stuk van het spel, dat bij schaakmat tot direct verlies leidt
- (spel) iemand die met koningschieten de laatste van de boom schiet
Voorbeelden van "Koning" in een zin
- Op 21 juli 2013 legde Filip de eed af als koning der Belgen.
- Was hun koning, Willem de Veroveraar, niet tijdens een geweldige storm, dankzij de heilige Nicolaas, veilig van Normandië naar Engeland gevaren? Want Nicolaas was in staat de wind en de onstuimige kracht der golven te doen bedaren!
- Denemarken ook nauwelijks, in de pers hadden ze het uitgebreid gehad over de gemoedelijke verhouding tussen de Deense bevolking en de Duitse gasten. De koning en de regering van Denemarken zaten nog op hun plaats en de samenwerking leek uitstekend te functioneren binnen de Germaanse verbroedering.
- Boer, vrouw, koning en aas.
- De koning staat mat.
Betekenis en uitleg van Koning
Een koning is de mannelijke heerser van een koninkrijk, vaak met een erfelijke positie. Hij heeft doorgaans een centrale rol in de geschiedenis en cultuur van zijn land, en wordt vaak gezien als een symbool van eenheid en continuïteit.
Het woord 'koning' wordt vaak gebruikt in politieke en historische contexten, maar ook in bredere zin, zoals in de uitdrukking 'de koning te rijk', waarmee je iemand beschrijft die zich in een sterke positie bevindt. In moderne tijd kan het ook figuurlijk worden gebruikt, bijvoorbeeld in de zakenwereld of in de sport, waar iemand de 'koning' van zijn vakgebied wordt genoemd. De rol van een koning kan variëren van puur ceremoniëel tot een actieve politieke functie, afhankelijk van het land.
Voorbeelden
- De koning gaf een inspirerende toespraak tijdens de nationale feestdag.
- In het spel schaken is de koning het belangrijkste stuk, maar ook het meest kwetsbare.
- Na jaren van onderhandelen werd hij uitgeroepen tot koning van de technologie in zijn sector.
Woordoorsprong
Het woord 'koning' komt van het Oudgermaanse 'kuningaz', wat 'afstammeling' of 'verwant' betekent, en verwijst naar de erfelijke lijn van leiderschap.
Veelgestelde vragen over Koning
Wat is de betekenis van Koning?
Koning betekent: (regering)(adel) het mannelijk hoofd van een koninkrijk
Hoeveel betekenissen heeft Koning?
Koning heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft Koning?
Koning is een mannelijk (de).
Wat zijn synoniemen van Koning?
Synoniemen van Koning zijn: heerZelfstandig naamwoord.
Hoe gebruik je Koning in een zin?
Voorbeeld: “Op 21 juli 2013 legde Filip de eed af als koning der Belgen.”
Etymologie
* In de betekenis van ‘regerend vorst’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901
Uitdrukkingen
- eet ontbijt als een koning, lunch als een prins en dineer als een arme
- ontbijt als een koning, lunch als een edelman en dineer als een bedelaar
- De klant is koning. — Men probeert altijd zo goed mogelijk aan de wensen van de klant te voldoen
- De koning te rijk zijn — Het heel goed hebben/heel blij zijn
- In het land der blinden is eenoog koning. — Iemand met geringe kennis of maar weinig vaardigheden, munt toch uit in een gezelschap van personen die nog minder weten of nog minder vaardigheid hebben
- in het land der blinden is eenoog koning
- Leven als een koning — Veel geld uitgeven
- Zijn haan moet altijd koning kraaien — een bepaald iemand moet altijd z'n gelijk krijgen of zin krijgen