koor

onzijdig (het)/kor/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziek (muziek) een groep mensen die samen zingen
  2. muziek (muziek) een muziekstuk om in groep te zingen
  3. de ruimte van een kerk waar zich het hoofdaltaar bevindt

Etymologie

*Ontleend aan het (Middeleeuws-)Latijnse chorus (reidans, dansgezelschap, koor).

Uitdrukkingen

  • in koor zingensamen zingen

Vertalingen

Engelschorus, choir
Franschœur
DuitsChor, Sängerchor, Chor
Spaanscoro
Italiaanscoro, corale
Portugeescoral, coro
Russischхор
Zweedskor
Deenskor