koploper
mannelijk (de)/ˈkɔplopər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- lijstaanvoerder van een sportcompetitie
- iets dat of iemand die op een bepaald gebied een leidende positie inneemtMeteen na de start, meldde ze zich vooraan, pal achter Can, en pal voor Grøvdal en de Zwitserse Fabienne Schlumpf. Maar gaandeweg begon ze van vermoeidheid te trekkebekken en kort daarop groeide het gat met de koplopers, Can, Schlumpf en uiteindelijk ook de Noorse.
- Intercitymaterieel, treinstel van de Nederlandse Spoorwegen
Vertalingen
DuitsSpitzenreiter, Tabellenführer
Spaanslíder, primer clasificado
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek