kreupel

Wat is de betekenis van kreupel?

kreupel betekent: dusdanig aan lichamelijk letsel onderhevig dat men zich niet of niet goed kan voortbewegen

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. dusdanig aan lichamelijk letsel onderhevig dat men zich niet of niet goed kan voortbewegen
  2. gebrekkig, slecht
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kreupelen
  2. gebiedende wijs van kreupelen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kreupelen

Voorbeelden van "kreupel" in een zin

  • Hij werd met die slag met het zwaard van zijn tegenstander niet gedood maar wel kreupel geslagen.
  • Ik kreupel.
  • Kreupel!
  • Kreupel je?

Etymologie

In de betekenis van β€˜mank’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1284

Vertalingen

Engelslame
papkoho
Spaanscojo