kruimel
mannelijk (de)/ˈkrœy.məl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- klein afgebroken stukje van brood, koek, beschuit of ander voedselJetfighter veegde de kruimels van haar shirt, deed haar zware rugzak weer om en vertrok in haar onnavolgbare snelle tempo.
Etymologie
*afgeleid van kruim
Vertalingen
Engelscrumb
Spaansmiga, migaja
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek