kundigheid
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de kennis en vaardigheid nodig om een bepaalde taak te verrichtenMet grote kundigheid wist de chirurg de operatie tot een goed einde te brengen.Het repareren van een horloge vereist een grote kundigheid van de horlogemaker.
Etymologie
*afgeleid van kundig
Vertalingen
Engelsability
Spaanscapacidad, habilidad
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek