kwik

/kwɪk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheikunde, element (scheikunde), (element) een scheikundig element en zilverwit overgangsmetaal met symbool Hg en atoomnummer 80 dat o.a. wordt toegepast in thermometers en gasontladingslampen
  2. temperatuur
    Ze zeiden dat het de koudste winter sinds honderd jaar was of in elk geval zo ver terug in de tijd als iemand zich kon herinneren. Het kwik daalde soms tot rond de -40, hoewel de wind minder erg was dan daarboven op de vlakte.
  3. grapje

Etymologie

*Afkomstig van het Oudsaksische woord "quik" (levend of levendig).

Uitdrukkingen

  • Het kwik loopt op.Het wordt warmer.

Vertalingen

Engelsmercury, quicksilver
Fransmercure
DuitsQuecksilber
Spaansmercurio
Italiaansmercurio
Portugeesmercúrio
Japans水銀
Koreaans수은
Arabischزئبق
Turkscıva
Poolsrtęć
Zweedskvicksilver
Deenskviksølv