Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

kynofobie

vrouwelijk (de)/ˌkinofoˈbi/

Wat is de betekenis van kynofobie?

kynofobie betekent: (psychologie) onredelijke angst voor honden

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. psychologie (psychologie) onredelijke angst voor honden

Voorbeelden van "kynofobie" in een zin

  • Ik beken het maar meteen: ik ben orthodox-kynofoob. ‘Hij doet niks hoor’, vertrouw ik voor geen cent. Het is bovendien te vaak niet waar. Voor je het weet, heeft zo’n bijtgraag monster je verscheurd. ‘Dat doet ‘ie anders nooit hoor.’ Nee, maar nu wel. Bovendien weet je nooit wanneer het onheil toeslaat. Vooralsnog koester ik mijn kynofobie. Het etiket ‘aansteller’ dat mij al dikwijls werd toegevoegd, draag ik met opgeheven hoofd. Nou ja, of ik ren weg.

Veelgestelde vragen over kynofobie

Wat is de betekenis van kynofobie?

kynofobie betekent: (psychologie) onredelijke angst voor honden

Welk woordgeslacht heeft kynofobie?

kynofobie is een vrouwelijk (de).

Wat zijn synoniemen van kynofobie?

Synoniemen van kynofobie zijn: canofobie.

Hoe gebruik je kynofobie in een zin?

Voorbeeld: “Ik beken het maar meteen: ik ben orthodox-kynofoob. ‘Hij doet niks hoor’, vertrouw ik voor geen cent. Het is bovendien te vaak niet waar. Voor je het weet, heeft zo’n bijtgraag monster je verscheurd. ‘Dat doet ‘ie anders nooit hoor.’ Nee, maar nu wel. Bovendien weet je nooit wanneer het onheil toeslaat. Vooralsnog koester ik mijn kynofobie. Het etiket ‘aansteller’ dat mij al dikwijls werd toegevoegd, draag ik met opgeheven hoofd. Nou ja, of ik ren weg.”

Etymologie

*afgeleid van het Griekse 'kúoon' (genitief kunós) (hond)