labboon
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈlɑbon/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (plantkunde) plant waaraan tuinbonen groeienVan de tuinboon oftewel veldboon, molboon en in het zuiden ook wel labboon genaamd, wordt gezegd dat het de enige inheemse boon in de oude wereld is en dat hij sinds prehistorische tijden in Europa en het Midden-Oosten wordt verbouwd.
- (voeding) als peulvrucht gegeten zaad van bepaalde rassen van de tuinboonplant{{ouds|2015
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek