landkaart
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈlɑntkart/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (aardrijkskunde) een abstracte weergave van (een stuk van) de aardeOp de landkaart kan je zien dat Nederland een relatief klein land is.Zo zat er in elke doos ontbijt, lunch en avondeten, maar ook al mijn snacks, repen en noten voor onderweg en papieren landkaarten voor de volgende etappe, nieuw wc-papier en om de 700 kilometer een paar nieuwe schoenen.
Vertalingen
Engelsmap
Franscarte, plan
Turksharita
Poolsmapa
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek