lariks
mannelijk (de)/ˈlarɪks/
Wat is de betekenis van lariks?
lariks betekent: benaming voor naaldbomen uit het geslacht , die in de winter hun naalden laten vallen
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- benaming voor naaldbomen uit het geslacht , die in de winter hun naalden laten vallen
Voorbeelden van "lariks" in een zin
- Het exemplaar in Wageningen maakt deel uit van een groeiend netwerk van twitterende bomen. In België zijn al een eik, een esdoorn en een beuk te volgen. In Duitsland zit een grove den elke dag online. Binnenkort gaan een lariks in Zwitserland en naaldbomen in Spanje meedoen. Tubantia Gerben van 't Hof 01-06-2017
- Met enige verbazing las ik in de krant van 5 december dat in de herfst de bladeren van de lariks geel worden. Voor zover mij bekend, is de lariks een naaldboom en naaldbomen hebben als kenmerk geen bladeren maar naalden te hebben. NRC A.W. Dijk 12 december 2000
Etymologie
*van Latijn "laryx", in de betekenis van ‘naaldboom’ aangetroffen vanaf 1682
Vertalingen
Engelslarch
Fransmélèze
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek