levensbehoefte

vrouwelijk (de)/ˈlevə(n)zbəˌhuftə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. wat nodig is om te kunnen overleven, (voedsel etc.)
    Oscar en hij hadden natuurlijk een ingenieursfirma kunnen beginnen in Bergen, ze zouden meer hebben kunnen verdienen dan de eerste levensbehoeften, zelfs iets hogerop zijn gekomen, al hadden ze het hoogstwaarschijnlijk niet tot de sociëteit van Bergen geschopt.