liefdesgeluk

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het geluk dat men ervaart door het hebben van een liefdesrelatie
    Hij begreep niet dat zij dit instinctief voelde en dat zij, terwijl zij zich op deze ontzaglijke taak voorbereidde, zichzelf geen verwijt maakte van de ogenblikken van zorgeloosheid en liefdesgeluk waarvan zij nu genoot, terwijl zij welgemoed aan haar toekomstig nestje bouwde.
    In het huidige seizoen komt, naast het liefdesgeluk van Gerda en Klaas, ook de nieuwe vlam van kapper Teun Föhn voorbij. Genoeg luchtige en vrolijke onderwerpen dus. ,,Over de schaduwkant van Urk willen we het juist niet hebben. Die kant komt in de media al zo vaak naar voren”, verklaarde Wong bij aanvang van het vierde seizoen.