ligger

mannelijk (de)/ˈlɪɣər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bouwkunde (bouwkunde) een samengesteld horizontaal constructie-element om een ruimte te overspannen
    De liggers waren door de constructeur nauwkeurig berekend.
  2. sport (sport) elk van de horizontale steunen van een brug als gymnastiekwerktuig
  3. molenaarsambacht (molenaarsambacht) onderste, niet bewegende molensteen

Etymologie

**[3] van Middelnederlands "legger"

Vertalingen

Spaanslarguero