ligger
mannelijk (de)/ˈlɪɣər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bouwkunde) een samengesteld horizontaal constructie-element om een ruimte te overspannenDe liggers waren door de constructeur nauwkeurig berekend.
- (sport) elk van de horizontale steunen van een brug als gymnastiekwerktuig
- (molenaarsambacht) onderste, niet bewegende molensteen
Etymologie
**[3] van Middelnederlands "legger"
Vertalingen
Spaanslarguero
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek