loer
Wat is de betekenis van loer?
loer betekent: lokaas, lokmiddel; vooral gebruikt voor een namaakprooi in de valkerij
Betekenis
- lokaas, lokmiddel; vooral gebruikt voor een namaakprooi in de valkerij
- (pejoratief) dom of onhandig persoon
- (pejoratief) gemeen of listig persoon
- waakzame houding waarbij voortdurend wordt gekeken of actie nodig is
- misleiding, bedrog, grap
Betekenis en uitleg van loer
Het woord 'loer' verwijst naar een schuin vlak of een helling, vaak gebruikt in de context van een trap of een andere structuur die naar boven of beneden leidt. Het kan ook een informele manier zijn om te zeggen dat iets niet helemaal recht of eerlijk is.
Je gebruikt 'loer' vaak in de bouw of techniek, vooral wanneer je het hebt over hellingen en schuine oppervlakken. Daarnaast kan het ook figuratief worden gebruikt om een situatie te beschrijven die niet helemaal klopt of waar je voorzichtig mee moet zijn. De nuance van het woord kan variëren afhankelijk van de context, van iets praktisch tot een meer metaforische toepassing.
Voorbeelden
- De architect ontwierp een loer voor de nieuwe trap, zodat deze gemakkelijker te beklimmen was.
- Hij loerde om de hoek om te zien of de situatie veilig was voordat hij naar buiten ging.
- De loer in de vloer maakte het moeilijk om de meubels recht te zetten.
Woordoorsprong
Het woord 'loer' komt uit het Middelnederlands en is verwant aan termen die een helling of schuin vlak beschrijven. Het heeft zijn oorsprong in praktische toepassingen in de bouw en de techniek.
Veelgestelde vragen over loer
Wat is de betekenis van loer?
loer betekent: lokaas, lokmiddel; vooral gebruikt voor een namaakprooi in de valkerij
Hoeveel betekenissen heeft loer?
loer heeft 5 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft loer?
loer is een onzijdig (het).
Etymologie
*[werkwoord] loeren zonder de uitgang -en
Uitdrukkingen
- [3] op de loer liggen — van iets naars dat het gereed is om zomaar te gebeuren
- [4] iemand een loer draaien — iemand lelijk behandelen, lelijk te grazen nemen; iemand vernachelen, iemand beetnemen; iemand bedriegen