loodje
/ˈlocə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- gestempeld stukje metaal dat door vaste verbinding met een draadje officieel bewijst dat het verbonden voorwerp een bepaalde status heeft
Etymologie
*afgeleid van "lood"
Uitdrukkingen
- het loodje leggen
- de laatste loodjes wegen het zwaarst
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek