loodsen
/ˈlotsə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) (scheepvaart) (van een schip of zijn bemanning) veilig langs lastige plekken leidenContainerschip Energizer nadert. Leon Grimbergen (40) mag het schip naar binnen loodsen. „Wij mogen het leukste stukje van de reis doen”, zegt hij. Manoeuvreren door de haven, inparkeren. Hij kan er zijn kennis en ervaring in kwijt.
- (ov) (figuurlijk) begeleiden naar de bestemmingDe bodyguards loodsen de filmster langs alle verzamelde media.Om de onderwijsbegroting door de senaat te loodsen, heeft de coalitie steun van de oppositie nodig.
Etymologie
* "loods" met de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek