loos

/ɫoʊs/

Wat is de betekenis van loos?

loos betekent: leeg

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. leeg
  2. schijnbaar, niet werkelijk
  3. vals, voor de schijn
  4. ondeugend, aardig
  5. slim, sluw
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lozen
  2. gebiedende wijs van lozen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lozen

Voorbeelden van "loos" in een zin

  • Een goed kastanjeras geeft weinig loze noten.
  • Des winters als het regent / dan zijn de paadjes diep, ja diep. / Dan komt dat loze vissertje / vissen al in dat riet, / ...
  • "Daar was laatst een meisje loos."
  • Een loze politierechercheur.
  • Ik loos.

Etymologie

In de betekenis van ‘leeg’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1599