lunchen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. de lunch gebruiken
    Hij lunchte laat in de middag.
    De Franse traditie ziet er heel anders uit, zoals de Britse trendwatcher Stephen Bayley opmerkte. Je rijdt op je gemak over een met platanen omzoomde tweebaansweg, in een comfortabele auto, bij voorkeur een Citroën DS. Ondertussen zoekt je passagier in de Michelingids een restaurant waar je goed en uitgebreid kunt lunchen.
    We zaten te lunchen bij een kraakhelder meer in Yosemite.

Uitdrukkingen

  • Eet ontbijt als een koning, lunch als een prins en dineer als een arme

Vertalingen

Engelslunch, have lunch
Fransdéjeuner
Duitszu Mittag essen, lunchen
Spaansalmorzar