lusten

/ˈlʏstə(n)/

Wat is de betekenis van lusten?

lusten betekent: (ov) (voeding), trek [3] hebben in, lekker vinden

Betekenis

werkwoord
  1. ov, voeding (ov) (voeding), trek [3] hebben in, lekker vinden
  2. ov, figuurlijk (ov) (figuurlijk), iets aangenaam of iemand aardig vinden, echter vooral gebruikt in ontkennende zin
  3. ditr, verouderd (ditr) (verouderd), met meewerkend voorwerp aanstaan [1], bevallen [1], behagen

Voorbeelden van "lusten" in een zin

  • Ik zou best wel een ijsje lusten.
  • Omdat het mij speet dat mijn aankomst zijn rookpauze had verstoord, en omdat het waar was, zei ik hem, terwijl de taxi zich over het grind van ons verwijderde, dat mijn bagage wel even kon wachten, dat ik een lange reis achter de rug had en dat ik ook wel een sigaret zou lusten.
  • Lust jij spruitjes?
  • Iemand niet lusten.
  • Dat lust mij niet.

Etymologie

*: "lust" met de uitgang -en

Uitdrukkingen

  • Ergens wel/geen pap van lustenWel of niet van iets houden
  • Ervan lustenEen stevig lesje krijgen, flink op zijn nummer gezet worden
  • Iemand rauw lustenIemand er flink van langs willen geven, iemand op zijn nummer willen zetten
  • Lust je nog peentjes/peultjes?Wat vind je daarvan? (waarbij de spreker zich tegenover een ander afkeurend over iets uitlaat)
  • Een oude bok lust nog wel een jong/groen blaadjeMannen zijn ook op hogere leeftijd vaak nog seksueel geïnteresseerd (m.n. in jonge vrouwen)
  • Zo lust ik er [ook] nog wel één/een paarDat geloof ik niet, dat is te absurd / Dat is belachelijk, of totaal onredelijk