maïsteelt

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈmɑɪsˌtelt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. landbouw (landbouw) verbouw van maisplanten
    In natte en koude gebieden, zoals geconstateerd bij tarweteelten in Finland en maïsteelten in Polen, vallen de voordelen van niet ploegen vooralsnog tegen.